Vluchten naar de afterparty, weg uit Uncanny Valley

Door: Willem van Oosterom

Zaterdag 18 Augustus: de lampen van een volle zaal in het Grand Theatre gaan aan. De gedaante op het podium die ik tot nu toe niet goed had kunnen zien draait zijn hoofd. De achterkant van ‘zijn’ hoofd is echter open en onthult een machine.

Ik ben bij Uncanny Valley, een theatervoorstelling met een robot als solo-performer. Of ja, er staat ook een theaterlamp-robot maar die heeft geen tekst ... Hoe dan ook, de mensachtige robot legt uit dat hij schrijver Thomas Melle is die komt praten over zichzelf en over Alan Turing, een beroemde Britse wiskundige die geldt als de uitvinder van de computer. Hij praat ook als Melle – tijdens het nagesprek blijkt dat de echte Melle aan deze voorstelling heeft meegewerkt. De robot vertelt dat de echte Melle geen zin meer had om zelf in de spotlights te staan. Nu beweert de Melle-machine doodleuk een mens te zijn, of in ieder geval iets dat daar op lijkt. Ik kijk naar het lege flesje bier bij mijn voeten en denk: als ik dit richting zijn ‘hoofd’ slinger, zal hij dan reageren?

Stefan Kaegi (Rimini Protokoll) / M√ľnchner Kammerspiele

Niels Knelis Meijer

Stefan Kaegi (Rimini Protokoll) / M√ľnchner Kammerspiele

Als ik van tevoren had gegoogled op ‘uncanny valley’, had ik geweten dat deze term staat voor het gevoel van afkeer en griezeligheid wat je over je krijgt als een robot te veel op een mens lijkt. Ik leerde de betekenis ervan echter op de harde manier. Ook om me heen zag ik mensen ongemakkelijk in hun stoelen schuifelen toen de robot-Melle zei dat mensen niet zo anders zijn dan robots.

Toen de voorstelling afgelopen was, was ik opgelucht. Gelukkig was er ook nog een nabespreking, waarin een van de makers van de robot verzekerde dat de robot niet echt zelf beslissingen kon nemen en alleen maar deed wat geprogrammeerd is. Dit stelde me enigszins gerust, maar toch was ik er nog op gebrand om dit griezelige gevoel kwijt te raken.

Gelukkig is Oost nog geen vijftig meter van het Grand Theatre verwijderd. Oost is een club waar sommige avonden vanaf middernacht after parties plaatsvinden – deze avond met Jensen Interceptor en Will Jr. Ik ontmoet een paar vrienden, en een paar bier later staan we in Oost op de dansvloer. Hier vergeet ik ongetwijfeld de griezelige robot-gedachtes denk ik bij mezelf. Ik kijk om me heen, mensen dansen mechanisch op de beat. De DJ draait electro en techno. Ik realiseer me dat ik al een tijdlang dezelfde bewegingen maak, bijna als een ... ‘Biertje?,’ vraagt een vriend van me. Ik knik opgelucht.

Een paar uur dansen en wat drankjes later vinden we het wel mooi geweest. Twee vrienden laten op zich wachten dus ik en een vriend tafeltennissen nog een tijdje – ja, er staat een tafeltennistafel in Oost! Tegen de tijd dat we naar huis lopen is het alweer licht aan het worden. Ik denk bij mezelf: had ik maar een robot van mezelf, dan kon ik morgen rustig uitbrakken.

 

Uncanny Valley. Rimini Protokoll. Grand Theatre.