Interview met Benjamin Verdonck

Benjamin Verdonck/KVS/Toneelhuis | NOTALLWHOWANDERARELOST

Hij droomde al heel lang van een theater dat hij overal mee naartoe zou kunnen nemen. Voor zijn voorstelling NOTALLWHOWANDERARELOST bouwde theatermaker en beeldend kunstenaar Benjamin Verdonck eindelijk dat gedroomde theater, dat zo groot is als een tafel, en waar de acteurs slechts gekleurde driehoekjes zijn. “Ik hou van een verroest dopje in de goot.”

Veelzijdig is een understatement voor Benjamin Verdock. De Vlaamse kunstenaar maakt theater, maar ook performances en beeldende kunst. Hij dans, acteert en regisseert. “Ik maak datgene wat ik wil maken en ik toon het waar het volgens mij thuis hoort”, zegt hij. “Soms is dat het theater en een andere keer de straat of de galerie.” Al sinds zijn jeugd houdt hij ervan om met zijn handen te werken, vertelt hij. “Ik bouwde vroeger boomhutten met mijn broer en eigenlijk ben ik dat altijd blijven doen. Ik heb een voorliefde voor simpelheid. Mijn werk vertrekt altijd vanuit een liefde voor materiaal. Ik hou van een verroest dopje in de goot, van kapotte dekens, van karton en van verlopen kleuren. Voor mij schuilt in de schoonheid van iets kapots ook een zekere kritiek op de consumptiemaatschappij.”

Miniatuurcircusje

In NOTALLWHOWANDERARELOST komen Verdoncks interesse in simpele dingen en zijn achtergrond als theatermaker op een poëtische manier samen. In een zelfgebouwd miniatuurtheatertje spelen een aantal geometrische figuren de hoofdrol. Verdonck is regisseur en technicus in dat theatertje. Voor dat tafeltheater werd hij geïnspireerd door de Amerikaanse kunstenaar Alexander Calder die voorstellingen gaf met een zelfgebouwd miniatuurcircusje. De circusfiguren werden bewogen door aan touwtjes te trekken.

Verdonck: ‘Dat circus past in twee koffers en hij kon dus overal spelen, net als een muzikant. Die kan ergens gaan zitten, zijn instrument uit zijn koffer halen en beginnen spelen. Zoiets wilde ik ook: een mogelijkheid om op elke willekeurige plek mijn theater te tonen.” Een andere inspiratie was het 18e-eeuwse kamertoneel van Van Slingelandt: een miniatuurtheater waarin in het klein levensechte decorwisselingen en andere theatrale special effects na te spelen zijn. 

Dus trekt ook Verdonck aan touwtjes om zijn hoofdrolspelende driehoeken te laten bewegen en hij brengt het theater daarmee terug tot het absolute minimum. “De figuren staan nergens symbool voor. De gelijkzijdige driehoek is een figuur waaraan weinig geschiedenis kleeft. Hij is heel zuiver, zonder allerlei associaties te aanschouwen en juist daar was ik naar op zoek. Ik wilde zoveel mogelijk loskomen van de betekenis van de wereld buiten.”

Gordijntje

Als je een voorstelling maakt met figuren die niets betekenen, moet je op zoek naar andere manieren om een betekenisvolle en spannende voorstelling te maken. Dus speelt Verdonck in NOTALLWHOWANDERARELOST met de basisbegrippen van het theater. “Wat is groot, wat is klein, wat is snel, wat is langzaam? Op welke manieren kan dit gordijntje op en neer, hoe ga je van licht naar donker? Normaal komt in het theater een acteur op die uit Hamlet begint te citeren. Maar ook als ik Hamlet achterwege laat, blijven er oneindig veel mogelijkheden open. Hoe kom ik op? Hoe ga ik af? Misschien doe ik wel alsof ik op ga komen en doe ik dat uiteindelijk toch niet.”

De aandacht op het simpele

Door intuïtief met zulke theatercodes te spelen, ontstond voor Verdonck langzaam een interne logica voor zijn voorstelling. Verdonck: “Als ik voor op het toneel iets beweeg, dan bleek het logisch dat ik ook voor op het toneel iets beweeg. Voor mij is het een verdieping van mijn werk als theatermaker om eens terug te gaan naar die simpele theatrale basisvragen. Dat blijkt zulk rijk materiaal te zijn. Daar kun je wel zes uur theater van maken.”

Het bevestigt Verdonck in zijn vermoeden dat zich juist in het simpele de meest complexe werelden schuil kunnen houden. Juist daarom wil hij de aandacht van het publiek op het simpele vestigen. We kijken daar in het dagelijks leven te snel overheen. “Achter een foton schuilt de complete quantummechanica. En als je op een simpele waterdruppel inzoomt, dan blijkt hij heel complex en veelzijdig te zijn.”

Interview | Robbert van Heuven (www.robbertvanheuven.nl)