Interview met Edgar Oliver

Edgar Oliver | Helen & Edgar

Er zijn mensen die een ingewikkelde jeugd hebben gehad, maar die van meesterverteller Edgar Oliver was ronduit raar. In Helen & Edgar vertelt Oliver op zijn geheel eigen wijze over een magische, geïsoleerde jeugd in het dromerige stadje Savannah. “Op het podium staan, is het beste dat me is overkomen.”

Savannah is een slaperig stadje in Georgia, een van de zuidelijke staten van de Verenigde Staten. Edgar Oliver bracht er zijn jeugd door, samen met zijn zus Helen en met zijn moeder. Maar een typische jeugd was het niet, vertelt hij. Zijn moeder was paranoïde en isoleerde haar gezin zo veel mogelijk van andere mensen. “We waren drie vreemde kinderen in een huis”, zegt hij. 

Op de goede manier raar

Olivers moeder was kunstenares en met zijn drieën trokken ze er regelmatig op uit om mooie plekken te vinden die moeder kon tekenen. Met zijn koloniale huizen en uitgestrekte moerassen waren die plekken er in Georgia volop. Tegelijkertijd vormden die plekken een magische speeltuin voor de twee geïsoleerd opgroeiende kinderen. Oliver: “Mijn moeder tekende graag op koloniale begraafplaatsen. Wij zwierven dan tussen de vergane mausolea en het roestige ijzerwerk. Ik herinner met ook die fantastische knoestige eiken, met hun met mos begroeide stammen. Savannah staat er vol mee. Savannah is een soort spookstad, altijd een beetje in verval, vol vreemde mensen. Het was een vreemde, mysterieuze plek om op te groeien. Het was een mooie tijd. Op de goede manier raar.”

Toen broer en zus in de pubertijd raakten, begon dat rare leven te knellen. Savannah begon te veranderen in een gevangenis. Oliver: “Daar waarschuwde moeder ook altijd voor: ‘Savannah is een val. Als je er eenmaal in zit, kom je er nooit meer uit. We moeten naar de grote stad.’” Alleen ging zijn moeder nooit. Edgar en Helen gingen wel. Op hun zestiende ontvluchtten ze het moederlijk huis en namen het vliegtuig naar Parijs. “We schreven mijn moeder een lange brief dat we nooit meer terug zouden komen. Gelukkig ontstond door die brief een langere correspondentie, waardoor wij en moeder weer langzaam naar elkaar toe groeiden.”

Tussen de travestieacts

Vanuit Parijs kwam Oliver in New York terecht samen met zijn grote verlangen om dichter te worden. “Ik schreef al sinds mijn 16e gedichten. Ik was heel erg verlegen, maar als je dichter wilt worden, dan zul je toch moeten leren die gedichten voor te dragen.” De leerschool waar Oliver terecht kwam, bleek even merkwaardig als effectief: een nachtclub. “Ik begon mijn voordrachten om twee uur ‘s nachts als alle discodans en travestieacts waren afgelopen. Om daarna nog enige aandacht te kunnen trekken, maakte ik mijn voordrachten zo dramatisch mogelijk. Voor ik het wist, bevond ik me in de showbusiness. Op het podium staan, is het beste wat me ooit is overkomen.”

Zijn dramatische voordrachten en zijn unieke stemgeluid maken Oliver tot een veelgevraagd verteller. Hij treedt regelmatig op bij The Moth, een New Yorks initiatief dat avonden organiseert waarin schrijvers en dichters korte verhalen vertellen aan het publiek. Olivers gek-griezelige verhalen vielen George Green, de oprichter van The Moth, op. De twee raakten in gesprek en Green besefte dat alleen al de maffe jeugd van Oliver een schatkamer aan verhalen zou moeten opleveren. Hij vroeg hem om een avondvullende vertelvoorstelling te maken. Het resultaat was Helen & Edgar. Oliver: “Omdat mijn verhalen autobiografisch zijn, past die vertelvorm goed bij het onderwerp.  Ik vertel graag over mijn kindertijd. Omdat daar zoveel verhalen over te vertellen zijn, maar ook omdat ik denk dat voor iedereen zijn kindertijd een magische tijd was. Ik hoop dat het publiek door mijn verhalen de magie van zijn eigen jeugd weer even kan beleven.”

Interview | Robbert van Heuven (www.robbertvanheuven.nl)