Interview met Alice Ripoll

Alice Ripoll - Suave

Dansen om je gevoelens te uiten, zonder je daarvoor te schamen. Het is die directheid en openheid van haar jonge dansers uit de favela’s die choreografe Alice Ripoll misschien wel het meest bewonderd. “Die gevoelens moeten eruit. Dat herken ik wel.”

Ze wist dat hij bestond, de Passinho, maar veel wist ze er nog niet van. Pas toen ze door Festival Panorama in Rio de Janeiro werd gevraagd om te werken met jongeren uit de favela’s die rond het festivalcentrum liggen, kreeg choreografe Alice Ripoll de kans zich echt in de dansvorm te verdiepen.

De Passinho is een nieuwe dansvorm die geboren is in de favela’s, vertelt ze. “Hij komt voor uit de funk, een dansvorm die al langer bestaat. Op funkfeesten ontstonden kleine choreografieën die funk, hiphop en Braziliaanse dansen combineerden.” De funkfeesten werden door de overheid verboden als onderdeel van het beleid om de favela’s onder controle te krijgen. Feesten eindigden nog wel eens gewelddadig en er werd gedeald. “Nadat die feesten verboden werden, gingen de jongeren battles organiseren en dansfilmpjes op internet plaatsen. Dansen is een van de weinige manieren voor de jongeren om zich uit te drukken. De mogelijkheid om je gevoelens uit te drukken, je leven voor de volle honderd procent te vieren, het kunnen uitdrukken wie je bent en daar plezier in hebben. Het zit er allemaal in en dat maakt de Passinho uniek.”

Flow

De jongeren waarmee ze de voorstelling Suave maakte, komen uit de meest beruchte wijken van Rio de Janeiro. Het zijn oorlogsgebieden, waar dagelijks geschoten wordt, vertelt Ripoll. Toch wilde ze geen voorstelling maken over ‘die jongeren uit de favela’s’. “Ik ben altijd geïnteresseerd in danstalen en perspectieven die voortkomen uit een andere achtergrond dan die van mij. Mij ging het dan ook om hun persoon en hun persoonlijkheid, niet om de favela’s. Iedereen kent ingewikkelde gevoelens die hij wil uitdrukken. Ik zoek de overeenkomsten tussen de verschillende sociale klassen, niet de verschillen. Bovendien: ook al hebben ze dezelfde achtergrond, de dansers zijn allemaal individuen.”

Dat individuele speelt een belangrijke rol in de Passinho. De persoonlijke ‘flow’ waarmee iemand danst, is misschien nog wel belangrijker dan de precieze pasjes. Zo wordt de dans een hyperindividuele manier om jezelf uit te drukken. Het is dapper om dat te doen, vindt Ripoll. “Die manier van uitdrukken heeft iets urgents. De gevoelens moeten eruit. Dat herken ik wel van toen ik zelf zo jong was, alleen had ik niet het gereedschap om dat te doen. Ik schaamde me er ook voor. Je gevoelens in het openbaar durven uit te drukken, zonder je daarvoor te schamen, vind ik dapper.”

Dat het gevoel voorop staat, is iets wat Ripoll in de moderne dans nog wel eens mist, zegt ze. “Moderne dans is vaak conceptueel. Het wil een idee uitdrukken en van daaruit ontstaat de dans. Daarmee raak je ook iets kwijt. Bij Passinho weet je nog niet altijd van te voren wat je wilt uitdrukken, want elke dag voel je je anders. Daarom is de dans ook elke keer anders.”

Gay-style

Als choreografe moest ze een kader verzinnen om die spontaniteit te behouden. “We moesten voor dit project een nieuwe werkmethode uitvinden, omdat ik hun pasjes niet wilde vastleggen. Normaal duren hun battles op straat een paar minuten, in Suave gaat het om een volledige voorstelling op een toneel. Er was dus wel een theatraal kader nodig, waarbinnen de dansers kunnen improviseren. Als ik ze zie dansen, denk ik als choreograaf nog wel eens: dat had je beter anders kunnen opbouwen, maar dat moest ik loslaten. Daarmee is het echt een voorstelling van ons samen geworden: ik leerde van hen improviseren, zij leerden van mij hoe je een voorstelling in elkaar zet.” Voor de voorstelling combineerde ze bovendien de Passinho met andere dansstijlen, zoals moderne dans. Ook niet alle dansers hebben een Passinho-achtergrond.

Tijdens het werken aan de voorstelling groeide Ripolls bewondering voor de openheid van haar dansers. Moeiteloos namen ze nieuwe dansstijlen in zich op. En dat niet alleen. “Een van de dansers kleedt zich als vrouw, en danst heel gay-style. Toen ik hem op de audities koos, vroeg ik me wel af hoe de anderen daar op zouden reageren. Passinho is een hele mannelijke dansvorm. Ik heb bovendien bij een ander project ervaren hoe moeilijk mannen het vinden om elkaar aan te raken. Maar dat was hier geen enkel probleem. De danser werd moeiteloos geaccepteerd.”

Interview | Robbert van Heuven