Interview met Tanya Beyeler en Pablo Gisbert

El Conde de Torrefiel - Escenas para una conversación después del visionado de una película de Michael Haneke

“Uiteindelijk draait alles om liefde”, brengt Pablo Gisbert halverwege het gesprek nog in. Maar dan hebben we het net al een tijd gehad over wat hij en collega Tanya Beyeler ‘dagelijks fascisme’ noemen: de manier waarop machtsrelaties en sociale regels de onderlinge menselijke relaties en uiteindelijk ook je vrijheid bepalen.

Gisbert en Beyeler zijn de artistieke kern van de Spaanse groep El Conde de Torrefiel. Samen met een groep dansers, acteurs en videokunstenaars maken zij sinds 2010 voorstellingen die de verschillende disciplines vermengen. De groep begon als collectief, maar dat bleek onhoudbaar toen het gezelschap bekendheid kreeg en de organisatie professioneler moest worden, vertelt Beyeler. “Pablo en ik doen de organisatorische kant, maar onze werkwijze is nog steeds collectief. We werken ook nog steeds met dezelfde mensen. Zo’n collectief repetitieproces is behoorlijk chaotisch, maar zorgt wel voor de grootst mogelijke vrijheid om te creëren.”

Meestal bedenken zij en Gisbert waar de voorstelling over moet gaan. Op basis daarvan geven ze de groep opdrachten en wordt er geïmproviseerd. Beyeler: “We plaatsen de acteurs in een bepaalde situatie, we vragen ze een installatie met licht te maken, of een abstracte bewegingssequentie.” Aan het eind van het repetitieproces neemt Gisbert de leiding. Hij probeert structuur aan te brengen in het materiaal dat de makers hebben aangedragen en schrijft de teksten. Beyeler: “De truc is om opnieuw de connectie te vinden met wat wij wilden vertellen en het aangeboden materiaal.”

Twaalf verschillende verhalen

In het geval van Escenas para una conversación después del visionado de una película de Michael Haneke (Scènes van een gesprek na het zien van een Michael Haneke-film) bleek dat nog niet zo eenvoudig. In de improvisaties werd gezocht naar zo eenvoudig mogelijke, alledaagse bewegingen en situaties: het drinken van een biertje aan de bar, het lopen over straat, het kijken naar een film. Maar uiteindelijk wilden de makers wel dat de voorstelling over iets abstracters ging dan de bewegingen an sich: onderlinge relaties en sociale regels. De oplossing werd gevonden in een verteller die een nieuwe laag legt onder wat er op het toneel gebeurt. Twaalf verschillende verhalen vertelt die verteller, waarvan personages en gebeurtenissen elkaar soms kruisen: over een man die een vrouw bemint die hij niet kan krijgen, over iemand die de voorstelling van zijn vriend verschrikkelijk vindt, maar dat niet durft te zeggen…

Het is echter niet zo dat de acteurs simpelweg uitbeelden wat er wordt verteld. In tegendeel. Gisbert: “Er zit een kloof tussen het verhaal van de verteller en de bewegingen op het toneel. Het is aan de toeschouwer om met zijn fantasie die kloof te dichten.” Beyeler: “De bewegingen zijn slechts suggesties. Voor ons is de voorstelling een spel met incomplete informatie tussen makers en toeschouwers. Die informatie mag niet te duidelijk zijn, de voorstelling mag niet te realistisch worden, want iedereen moet zijn eigen conclusies uit de voorstelling kunnen trekken.”

Geciviliseerd geweld

Van moralisme willen de twee dan ook niets hebben. Ze willen vooral hun observaties over menselijke relaties delen met het publiek. En in hun ogen worden die relaties dus bepaald door machtsrelaties en sociale conventies. Beyeler: “Die staan onze vrijheid en onze relaties met elkaar in de weg. Het is onmogelijk om echt jezelf te zijn. We maakten de voorstelling in 2012 toen de crisis hier in Spanje in het dagelijks leven heel erg voelbaar was. Die onzekerheid, die problemen, brengen het beste en het slechtste bij mensen naar boven. Onze vraag was: hoe kun je in zo’n heftige situatie nog met elkaar omgaan en jezelf en ander respecteren? We hebben daar geen antwoord op, maar de voorstelling kwam wel voort uit het verlangen iets dichterbij dat antwoord te komen.” Gisbert: “Bovendien heeft iedereen een ander antwoord op die vraag.”

Het onderwerp van de voorstelling is heel erg Europees denken de twee makers. Beyeler: “Op andere plekken op de wereld, zoals Zuid-Amerika, zijn mensen veel directer. In Europa hebben we een lange geschiedenis met elkaar en in die honderden jaren zijn talloze ongeschreven regels ontstaan die bepalen hoe we met elkaar omgaan. Die eeuwen aan beschaving staan tussen ons in.”

Het is een thematiek die de twee ook terugvonden bij de Oostenrijkse filmmaker Michael Haneke. Zijn films waren voor Gisbert en Beyeler het zaadje voor het idee voor de voorstelling. Daardoor vond zijn naam ook zijn weg in de titel. Gisbert: “Zijn films gaan over geciviliseerd geweld. Geweld zonder bloed, maar met woorden. Hoe domineer je de ander zonder hem te doden?”

De vorm van El Conde de Torrefiel is natuurlijk anders, de groep maakt theater, geen film en daardoor wordt de benadering van de thematiek ook anders. Beyeler: “Haneke filmt realistische personages en vraagt van de toeschouwer de fantaseren wat er in hun hoofd gebeurt. Wij werken precies andersom: wij tonen een abstracte situatie die de toeschouwer moet relateren aan de werkelijkheid. De personages spreken niet: wat ze zouden kunnen zeggen, dat moet je zelf bedenken.”  

Interview | Robbert van Heuven