Interview met Dead Centre

Dead Centre | Chekhov’s First Play

De jonge toneelschrijver Tsjechov was zo ontevreden over zijn eerste toneelstuk dat hij het vernietigde. Een kopie ervan werd in 1920 teruggevonden. De Ierse groep Dead Centre brengt het stuk naar Noorderzon, inclusief live-commentaar van de regisseur. “We willen originele voorstellingen maken, maar in dialoog met de grote figuren uit de theatercanon.”

Dat Tsjechov ooit nog eens een groot toneelschrijver zou worden, moest in 1878 nog blijken. Toen schreef de destijds 18-jarige Rus een titelloos stuk met een zekere Platonov in de hoofdrol. Het stuk was rommelig en veel te lang en verdween uiteindelijk in de prullenbak. Tot het in 1920 weer opdook. Schrijver Bush Moukarzel en regisseur Ben Kidd van de in Dublin gevestigde theatergroep Dead Centre raakten gefascineerd door het rare geval en wilden er iets mee doen. Wat ze in ieder geval niet gingen doen, was het stuk integraal op het toneel zetten, vertellen de twee. Moukarzel: “Het integraal opvoeren zou zes uur duren, dus dat leek ons niet zo’n goed idee. Daarom had het stuk een ingreep van onszelf nodig. Bij al Tsjechovs andere stukken zou zo’n ingreep overbodig zijn. Maar in dit geval is het een aanvulling.”

Directors cut

Zo krijgt het publiek van Chekhov’s First Play een koptelefoon, waarop de regisseur live-commentaar geeft, zoals in de directors cut op een dvd. Daarmee gaat de voorstelling behalve over de personages van het stuk net zo goed over het spelen van een stuk van Tsjechov. “Als je zulke ingrepen doet”, zegt Kidd, “dan moet je heel goed nadenken over wat Tsjechov eigenlijk betekent.” “Daarmee bedoelen we natuurlijk niet de man zelf”, vult Moukarzel aan, “maar de bepaalde blik op de wereld die zijn werk representeert.”

Wat is die wereld dan volgens de makers? Moukarzel: “Het drama van Tsjechov zit in het feit dat er niets gebeurt. In personages die niet in staat zijn om te handelen. Niemand doet echt iets. Net als in het echte leven.” Kidd: “Er is, ook net als in het echte leven, geen hoofdpersoon in zijn stukken. In zijn eerste stuk nog wel, maar later stapt hij daar vanaf. Voor ons leidde dat tot de vraag: wat betekent een hoofdpersonage precies? Hoe speel je die? En hoe kom je van die rol af?”

Wat de twee in ieder geval wilden behouden, was het ruige karakter van Tsjechovs eersteling. Moukarzel: “Wat zijn eerste stuk zo anders maakt, is dat hij nog niet de Tsjechov was die we later zouden leren kennen. Anders dan bij zijn latere stukken is het stuk onelegant, te groot en met een slechte structuur. Dat kapotte, onaffe wilden we vasthouden. Het is punk. Hij was nog een tiener. Dat was voor ons een interessante uitdaging: om ook die ingewikkeldheid te laten zien. Voor ons is die complexiteit ook een thema. Het moet allemaal niet te snel kloppen. Mensen zijn nou eenmaal complex.”

Radicaal met tekst

Dead Centre is een van de jonge theatergroepen die de laatste jaren het Ierse theater bestormen met hun radicale omgang met de klassieke toneelcanon. Een ander voorbeeld is Pan Pan Theatre dat vorig jaar op Noorderzon te zien was. In het traditionele Ierse theater is – net als in het Engelse theater - de toneeltekst heilig. De regie staat in dienst van de tekst. Dat levert nogal conservatief theater op, waar de jonge groepen zich tegen verzetten. Kidd: “Inderdaad is er een sterke literaire mainstream in het Engelse en Ierse theater. Dat is niet zo gek, want Ierland kent veel bekende schrijvers: Shaw, Beckett, Joyce, Wilde. Maar een jonge generatie reageert op die traditie.” Moukarzel: “Maar wij houden ook van toneelstukken. Er hoeft geen discrepantie te bestaan tussen auteurstheater en theater waarin radicaler met tekst wordt gewerkt. Je kunt die dingen ook bij elkaar brengen. Je kunt hip theater maken zonder inhoud, of superinhoudelijk theater waarbij je je kapot verveelt. Wij willen een manier vinden om die twee werelden te combineren. Die koptelefoon is daar een voorbeeld van. We willen originele voorstellingen maken, maar wel in dialoog met de grote figuren uit de theatercanon. Daarmee worden de projecten ook interessant voor mensen die niet op literatuur aan het promoveren zijn en Tsjechov niet gelezen hebben.”

Volgens de twee betekent dat bijvoorbeeld dat je, zoals Dead Centre doet, nieuwe ingangen in de toneelliteratuur vindt waarmee je het publiek helpt de diepere kern te vinden. Moukarzel: “In een nieuwe tijd heb je nieuwe strategieën nodig, ook al kom je uiteindelijk bij dezelfde thematiek uit.” Het gaat ze er dus niet om het theater te verhippen met spannende effecten, al maken die wel degelijk deel uit van hun voorstellingen. De waarde van theater, vinden ze, blijft toch dat je gedurende lange tijd geconcentreerd naar een kunstwerk kijkt. Moukarzel: “Theater is een soort slow cooking. Waarom zou je nog een goed stuk lamsvlees drie uur in de oven stoppen, als je het ook in de magnetron kan gooien? Omdat je iets verliest door die technische perfectie. Iets dat je alleen terug kan vinden in imperfectie.” Zoals dus in een rommelige Tsjechov.

Interview | Robbert van Heuven