Interview Amit Drori | Savanna

We zijn ons contact met de natuur kwijtgeraakt. Alles wat we ervan weten, kennen we uit de natuurfilms van David Attenborough. Maar dat geeft geen echt beeld van de natuur. In het echt duurt het heel erg lang voor je in de natuur iets interessants ziet en dat is bijna nooit zo fotogeniek.

- Amit Drori

Twee jaar lang werkte de Israëlische objecttheatermaker Amit Drori aan de robotolifant. Omdat hij zichzelf alles moest leren over robotica ging dat met pijn en moeite, vallen en opstaan. Maar toch moest en zou die olifant er komen. Nu speelt het beest een belangrijke rol in  Savanna en toont daarin de merkwaardige verhouding tussen mensen en objecten en tussen de mens en de natuur. “Wij zijn ons contact met de natuur kwijtgeraakt.”

Savanna begon eigenlijk met de kleine robotgazelle op wieltjes, vertelt Amit Drori. Zoals al zijn voorstellingen eigenlijk gewoon beginnen met een beeld of een object. “Die gazelle maakte ik zomaar, hij kwam zomaar uit mijn vingers. Daar zat geen rationele gedachte achter. Maar hij wakkerde wel mijn verbeelding aan. Ik begon te dromen van een voorstelling vol met dit soort dieren. Dus begon het creatieve proces van het maken van nog meer robotdieren. Door het maken van die dieren ontdekte ik steeds meer over hun universum, over welk verhaal ze wilden vertellen. Zo werkt het altijd als ik een pop of een object bouw. Ik weet nooit van te voren hoe het er van te voren uit gaat zien, hoe het zal bewegen, of wat voor persoonlijkheid het heeft.”

Het bouwen van de robotdieren was geen gemakkelijke klus, want Drori en zijn medewerkers zijn geen ingenieurs of technici, maar poppenmakers. Drori: “Tien jaar geleden had ik dit ook niet kunnen doen. Maar nu is alles wat je wilt weten op internet te vinden. Dat hele open source principe opent totaal nieuwe wegen voor een kunstenaar zoals ik. Die techniek is voor mij nieuw werkmateriaal, net als een acteur, of licht of tekst dat is. In die robots zit bovendien het kinderlijke verlangen om een pop te zien leven onafhankelijk van zijn maker, wat bij ouderwetse poppen niet kan. De verschillende dieren zijn in verschillende mate onafhankelijk van ons, net als echte dieren. Sommigen kunnen alles zelf en die gaan hun eigen gang. Anderen worden door ons voortbewogen.”

De natuur is bijna nooit zo fotogeniek

Met die dieren creëert Drori een geconstrueerde savanne met geconstrueerde dieren. Die savanne zegt iets, denkt hij, over onze complexe verhouding met zowel de natuur als met dode objecten. “We zijn ons contact met de natuur kwijtgeraakt. Alles wat we ervan weten, kennen we uit de natuurfilms van David Attenborough. Maar dat geeft geen echt beeld van de natuur. In het echt duurt het heel erg lang voor je in de natuur iets interessants ziet en dat is bijna nooit zo fotogeniek. Daarom creëren wij met de voorstelling onze eigen savanne, waarin we zelf leven creëren. Maar waar we dat leven ook weer weg kunnen nemen. We zijn op het toneel meesters van de schepping en van de destructie.”

Die thematiek van geboorte en dood en van creatie en destructie komt in verschillende lagen terug in de familie olifanten die een hoofdrol spelen in Savanna. Twee jaar bouwde Drori aan de moederolifant. “Het was zo belangrijk voor me. Die obsessie was helemaal niet rationeel, maar ik had me in mijn hoofd gehaald dat als ik dat beest lopend zou krijgen, ik dan kosmische harmonie zou bereiken of iets dergelijks. Ik probeerde te begrijpen wat er in mijn hoofd gebeurde. Want het was maar een robot en zo belangrijk kon die robot toch niet zijn?”

De piano van zijn moeder

Maar ineens herinnerde Drori zich de piano van zijn moeder, waar zij al even obsessief op oefende. “Die piano was voor haar een dier, dat zich niet door haar liet temmen, dat maar niet de muziek gaf die ze wilde. In mijn jeugd speelde die piano een hele belangrijke rol.” Toen zijn moeder stierf besloot Drori de piano uit elkaar te halen, alsof hij op die manier achter de emotie kon komen die voor hem aan dat dode object verbonden was. “Het object had die gevoelens vastgelegd en die probeerde ik erin terug te vinden. Als een jager die een dier vilde. Van de onderdelen maakte ik nieuwe objecten voor een andere voorstelling. Hoewel de piano niet meer bestond, was hij in mijn herinnering nog altijd levend. Op die manier werden piano en de olifant metaforen: er is een diep menselijk verlangen om emoties te projecteren op objecten. Daardoor reflecteren die objecten onze emoties en vertellen ze iets over onszelf.”

Om te laten zien hoe sterk die behoefte is om objecten als iets levends te zien, zijn de dieren in Savanna geen realistische dieren, maar sculpturen waarvan elk schroefje, batterijtje of motortje te zien is. Drori: “Natuurlijk hebben we bij het bouwen veel naar echte dieren gekeken. We hebben gekeken wat de karakteristieke beweging van een dier is, wat het hart is van zijn expressie. Vervolgens zochten we uit hoe we die beweging het beste konden vangen in de mechanismen van de robot. Maar we proberen die dieren nergens echt te imiteren. Ze zijn niet versierd of anderszins mooier gemaakt dan ze zijn. Het zijn duidelijk robots. Dat is wat ik zo mooi vind aan objecttheater. Een goed object kan op verschillende niveaus heel erg veel vertellen. Het is klein, maar er zit veel in. Maar het meeste daarvoor gebeurt in het hoofd van de toeschouwer. Ik zet slechts de kiemen op het toneel, waarmee ze zelf de voorstelling kunnen maken.”  

 Tekst | Robbert van Heuven