Interview Antony Hamilton | Black Project 1

Het moest een wereld worden die volledig vrij is van betekenis en kleur en die zich bij wijze van spreken voor het begin van de tijd bevindt.

- Antony Hamilton


Een volledig zwarte ruimte, geheel los van welke betekenis dan ook. Dat was de inzet van de Australische choreograaf Antony Hamilton bij het maken van zijn voorstelling Black Project 1. “De betekenis die we aan onszelf geven, hebben we ook maar zelf bedacht.”

Al bewegend sporen achterlaten

Hij heeft nog graffiti gespoten, vertelt Antony Hamilton. Toen hij puber was. De choreograaf is ook opgeleid als beeldend kunstenaar en koestert de herinnering aan het spuiten op straat nog steeds. “Ik denk dat die graffitibeweging de grootste impact heeft gehad in mijn leven en in mijn werk. Het is een hele fysieke beeldende kunstvorm. Je moet klimmen, springen, rennen. Je lichaam gaat een relatie aan met de omgeving om je kunstwerk te kunnen maken.”

Het idee van graffiti, van het al bewegend sporen achterlaten in je omgeving, speelt nog steeds een belangrijke rol in Hamiltons werk. Ook in Black Project 1. Eigenlijk was het idee achter het project, vertelt Hamilton, om een volledig betekenisloze ruimte te creëren, waarin de dansers volledig opgaan. Gaandeweg laten ze echter hun sporen en hun symbolen achter, waardoor er betekenis ontstaat waar eerst niets was. Hamilton: “Ik wil laten zien hoe een ruimte wordt beïnvloed door menselijke aanwezigheid. Daarom wilde ik de ruimte van Black Project 1 in eerste instantie volledig vrij laten zijn van welke culturele connotatie dan ook. Het moest een wereld worden die volledig vrij is van betekenis en kleur en die zich bij wijze van spreken voor het begin van de tijd bevindt.” 

Grimmige, postapocalyptische wereld

Dat werd dus een volledig zwarte ruimte. Die stiekem toch allerlei connotaties oproept met een postapocalyptische wereld. Of met sciencefiction. Het bleek tijdens het maken niet mogelijk alle betekenis zomaar te verwijderen. Hamilton: “Door die visuele reductie gebeurde precies het tegenovergestelde. De lege ruimte bood voor de toeschouwers alle ruimte om hem helemaal zelf in te vullen met hun eigen betekenis. Iedereen leest er van alles is.”

De indrukwekkende voortijdse wereld die Hamiton met Black Project 1 schept, is ook behoorlijk grimmig. Hamilton: “Ik heb misschien een wat donkere visie op de wereld en op de leegheid van alles wat wij mensen doen. Het is in ieder geval geen toeval dat die wereld zo zwart is. Maar ik schiet heel erg in extremen. Soms ben ik juist reuze optimistisch over de mensheid. Die hoop zit ook in de voorstelling. We zijn als mensen in staat betekenis te creëren uit het niets. We hebben het vermogen om cultuur te creëren, om ons bestaan zin te geven. Ik kan daar echt door geraakt worden: het feit dat wij kunnen geloven en creëren. Waar het mij om gaat is te laten zien dat dat wel constructies zijn die we zelf bedacht hebben. Dat ze een menselijk verzinsel zijn. Zelfs de wetenschap is niet de waarheid, maar een symbolische verklaring voor de wereld zoals we die kunnen waarnemen. Die verklaring hebben we ook maar zelf bedacht. Net als de betekenis die we aan onszelf als mens geven.”

Het is dat we er door symbolen betekenis aan kunnen geven, maar eigenlijk maken we als mens een gelijkwaardig deel uit van onze omgeving, vindt Hamilton. “Door de mens en zijn omgeving in de voorstelling dezelfde kleur te geven, wilde ik ze dezelfde waarde geven. De omgeving is evenveel waard als de mensen die zich er in bevinden. Door er een relatie met elkaar aan te gaan, worden mens en omgeving één. Daarom wilde ik de mensen in de voorstelling ook ont-individualiseren. In die zin is het ook een reactie op de individualiteit die in onze maatschappij telkens als waardevol wordt benadrukt.”

Zwarte trilogie

Die gedachten vormen ook de basis voor de andere voorstellingen van de trilogie Black Project waarvan deze voorstelling het eerste deel is. In deel 2 vormen zes dansers samen een lichaam, waaruit soms individuele lichamen vallen of er weer in opgaan. In deel 3 vormen 22 dansers landschappen van lichamen – afbrokkelende bergen, wiegend koraal - , zonder dat er nog sprake lijkt te zijn van menselijke aanwezigheid. De drie delen zijn daardoor voorstellingen die spelen met de waarneming, die bijna hallucinerend zijn. Hamilton: “Het zijn kijkdozen waarin zich landschappen en figuren bevinden die bewegen. Waarin tinten zwart heel langzaam een beetje veranderen. Je perceptie verandert daardoor. Net als wanneer je naar de wolken kijkt, of naar de sterren. Het is bijna meditatief. Of misschien wel een soort droom…”

Tekst | Robbert van Heuven