Interview Fernando Rubio | Alles aan mijn zijde

Ik heb een hekel aan spectaculaire vormen.

- Fernando Rubio

De Argentijnse theatermaker Fernando Rubio zoekt het graag in het kleine en het intieme. Zijn Alles aan mijn zijde is een kleine, bijzondere ontmoeting met een ander in een bed in het midden van een grote stad. “Ik heb een hekel aan spectaculaire vormen.”

Dagelijks is hij aan het zoeken, zegt Fernando Rubio, naar hoe hij op een nieuwe manier een relatie tussen toeschouwer en speler kan laten ontstaan. Dat doet hij al sinds 2001 toen hij begon met zijn organisatie Initimoteatroitinerante (Intiem, ambulant theater). “Sindsdien zoek ik dagelijks naar een breuk met de gebruikelijke theatrale structuren en naar nieuwe ontmoetingen tussen speler en toeschouwer. Hoe kun je daarbij het lichaam van de toeschouwer gebruiken om hem emotioneel te raken of hem deel van de handeling uit te laten maken? De drijfveer om nieuwe theatrale constructies te bedenken die deze vragen stellen, ontstond ook uit een behoefte om een dialoog aan te gaan met de beeldende kunst en met het urbanisme, de wetenschap die zich bezighoudt met steden en welke impact de stad heeft op zijn bewoners.”

Alleen in de storm

Beeldende kunst, de stad en het zoeken naar een nieuwe verhouding tussen speler en toeschouwer komen allemaal samen in Alles aan mijn zijde. Voor die voorstelling kruip je in een bed, midden in de stad, waarin zich ook een actrice bevindt, die een voorstelling voor je speelt. Het idee voor de voorstelling diende zich plotseling bij Rubio aan. “All the things by my side ontstond op een ochtend bij mij thuis. In bed, om precies te zijn. Toen ik die ochtend wakker werd, herinnerde ik me opeens het allereerste moment waarop ik me echt alleen voelde. Het was in een auto, op een plek omringd door bomen, midden in een storm. Mijn vader was uitgestapt terwijl ik sliep. De tijd die verstreek tot hij weer terug kwam, was mijn allereerste gevoel van eenzaamheid. De omgeving was wel bekend, maar hij veranderde door de situatie waarin ik me bevond en ik was niet bij machte daar iets aan te doen. Dat gevoel op mijn vierde of vijfde jaar – en het kan ook niet langer dan een paar minuten hebben geduurd – kwam op die ochtend ineens terug. Op mijn 35e. Ik stond op, pakte een schrift en schreef de korte tekst die de basis is van de voorstelling. Het is een reflectie op eenzaamheid.”

Zoals bij al zijn projecten probeert Rubio die gedachten echter te vangen in een zintuiglijke ervaring. Vandaar de intieme setting. “De voorstelling drijft zo langs de grenzen van theater, beeldende kunst en een stadse gebeurtenis, waarbij de ruimte de bepalende factor wordt in een verder onverwachte situatie. Want die situatie is onverwacht en opmerkelijk, ook al weet je dat je midden in die vijver, in de stad Groningen, naast een actrice in bed bent gaan liggen.”

Revolutie

Om die intieme ervaring mogelijk te maken, koos Rubio ervoor om zijn tekst te vertalen en die te laten spelen door Nederlandse actrices. “In de samenstelling van de cast zoek ik naar een waaier van leeftijden, gezichten, oogopslagen. Ik zoek verder naar actrices die niet bang zijn om zo’n ervaring te ondergaan en die de behoefte hebben om buiten de traditionele theatervormen te zoeken. Ze moeten subtiel en nieuwsgierig zijn.”

Kleiner en intiemer dan Alles aan mijn zijde kan theater bijna niet worden. En dat is precies de bedoeling, zegt Rubio. “Ik ben tegen het commerciële theater, omdat ik een hekel heb aan grote, spectaculaire vormen die een essentiële, creatieve drijfveer missen. Ik zou dat nooit kunnen maken. Toen de filosoof Gilles Deleuze werd gevraagd om revolutie mogelijk was, antwoordde hij dat hij dat niet geloofde. Maar hij geloofde wel, zei hij, dat het de kleine dagelijkse dingen zijn die de geest in opstand kunnen brengen.” Het zijn dan ook die kleine, schijnbaar dagelijkse dingen die het denken veranderen, waarnaar Rubio nog elke dag op zoek is.

Tekst | Robbert van Heuven